Opbouw en vakken
In de eerste drie jaren van het ‘kunstplan’ maken de leerlingen kennis met de verschillende studies die de academie biedt. Ze krijgen een brede basis om later in de bovenbouw keuzes te kunnen maken.
De vakken die dit jaar aangeboden worden, zijn:
Beeldende Kunst, Grafisch Ontwerpen, Interieurarchitectuur en Meubelontwerpen, ArtScience, Textiel en Mode, Fotografie, Interactive/Media/Design. Deze vakken worden aangeboden in modules van ongeveer zes lessen.
Er worden ook lessen in de KABK-werkplaatsen gegeven, zoals hout, keramiek, metaal, risoprinten, grafiek en zeefdrukken.
Kerndoelen
Wij voldoen in de eerste drie jaren aan de daarvoor gegeven kerndoelen van het Ministerie van Onderwijs, te weten:
40A De leerling gebruikt creatieve maak- en denkstrategieën in een iteratief kunstzinnig proces en reflecteert op gemaakte keuzes.
Het gaat hierbij om:
- omgaan met speelruimte en selecteren van creatieve strategieën bij het maken en meemaken;
- onderzoeken van verschillende ideeën, mogelijkheden en oplossingen bij het maken van eigen en gezamenlijke kunstzinnige uitingen;
- gebruiken van ideeën, perspectieven en inzichten van andere makers als inspiratie voor eigen en gezamenlijke kunstzinnige uitingen;
- selecteren en gebruiken van bronnen als inspiratie voor eigen en gezamenlijke kunstzinnige uitingen;
- evalueren en bijstellen van het maakproces.
40B De leerling onderzoekt het eigen artistiek-creatief vermogen.
Het gaat hierbij om:
- onderzoeken van artistieke voorkeuren: technieken, materialen, middelen, thema’s, stijlen, genres;
- maken van keuzes in relatie tot het proces en het product;
- bespreken van getoonde eigen of gezamenlijke kunstzinnige uitingen;
- verwoorden van een mening over eigen en gezamenlijke kunstzinnige uitingen;
- verwoorden van eigen artistieke voorkeuren en vermogens tijdens het maakproces.
40C De leerling onderzoekt betekenissen van kunst en cultuur tijdens het maken en meemaken.
Het gaat hierbij om:
- beschouwen en beschrijven van uitingen van kunst en cultuur van uiteenlopende makers en perspectieven;
- beschrijven van vormgevingselementen;
- gebruiken van bronnen over makers, het werk en de context;
- interpreteren van eigen en gezamenlijke uitingen van kunst en cultuur;
- onderbouwen van een mening met gebruik van vaktaal over uitingen van kunst en cultuur.
41A De leerling drukt zich individueel en samen met anderen uit in vormen van kunst.
Het gaat hierbij om:
- gebruiken van vormgevingselementen uit beeldende kunst en muziek, alsmede van dans of film of theater bij het maken van eigen werk;
- verbeelden van verhalen, ideeën, gedachten, ervaringen en gevoelens;
- maken van kunstzinnige uitingen als reactie op maatschappelijke vraagstukken en gebeurtenissen;
- ontwerpen en realiseren van toegepaste vormen van kunst;
- herinterpreteren van bestaand werk.
41B De leerling kiest en gebruikt bekende en nieuwe technieken en vaardigheden bij het maken van individueel en gezamenlijk werk.
Het gaat hierbij om:
- beeldende materialen, technieken en gereedschappen;
- muzikale technieken en instrumenten;
- fotografische en filmische technieken of;
- dansante technieken of;
- spel- en acteertechnieken.
42A De leerling neemt deel aan diverse culturele en kunstzinnige activiteiten en toont inzicht in kunst- en cultuuruitingen.
Het gaat hierbij om:
- omgaan met de gebruiken en gewoonten bij het actief meemaken van kunst en cultuur in uiteenlopende contexten;
- uitwisselen van ervaringen in interactie met professionele makers;
- beschrijven van het effect van de gebruikte technieken en vormgevingselementen op de ervaring;
- vergelijken van interesses en voorkeuren voor kunstzinnige uitingsvormen;
- maken van een kunstzinnige uiting als verwerking van een culturele en kunstzinnige ervaring.
42B De leerling onderzoekt kunstzinnige en cultuurhistorische uitingen en de functie in de samenleving.
Het gaat hierbij om:
- vergelijken van diverse, actuele en historische uitingen van kunst en erfgoed in cultuur;
- vragen stellen over de invloed van tijd en plaats op het werk van makers;
- vragen stellen over de invloed van kunst op de samenleving;
- verwoorden van een mening over de functie en betekenis van kunst en cultuur in het eigen leven.